WERK AAN DE WERELD

TRAINEN VOOR DE STRIJD

Goed vakbondswerk moet je leren. Mondiaal FNV steunt trainingen van collega’s elders in de wereld in alle soorten en maten. Ook in Nederland worden kaderleden opgeleid.

Robert (2e van rechts)

Tekst Astrid van Unen Beeld Erik Bootsman (Nepal), Astrid Kaag (Peru) en privéarchieven
Robert Terwisscha van Scheltinga (Nederland) en Zegeye Haileselassie (Ethiopië)

NEDERLAND

AMBASSADEUR INTERNATIONAAL VAN DE FNV

Hij rolde per ongeluk in het internationale vakbondswerk. Robert Terwisscha van Scheltinga werkt al ruim dertig jaar bij Bejo Zaden bv, tegenwoordig als Seed Disinfection Operator. Als kaderlid van de FNV werd hij twee jaar geleden benaderd om mee te gaan op FNV-missie naar India. Het ging om een lopend project tegen kinderarbeid in de zadensector. Terwisscha van Scheltinga zei ja en was meteen verkocht.

Het lag dus ook voor de hand om de kaderopleiding internationaal vakbondswerk bij de FNV te volgen. ‘Ik wilde meer bagage, daarom heb ik me aangemeld.’ Eind januari rondde hij de opleiding af, na zo’n veertig uur training. Nu mag hij zich ambassadeur internationaal kaderlid FNV noemen, waarvan hij ook een certificaat heeft ontvangen. ‘Het was best pittig, heel intensief, veel luisteren, maar ook veel doen. We hadden een heel leuke klas van zo’n twintig mensen en fantastische cursusleiders. Het was dus zeker de moeite waard.’

Kaderleden leren binnen deze training onder meer zelf een project op te starten. ‘Je leert contact te zoeken met de internationale werkgroepen zoals de WIS. Je leert ook te kijken naar de globalisering: hoe bedrijven internationaal samenwerken en waar je tegenaan kunt lopen als je op dat niveau actie wilt voeren.’

Hij heeft het gevoel nu beter betrokken te zijn bij het project in India. ‘We gaan binnenkort samen een programma opstellen voor de kaderleden die dit voorjaar uit India naar hier komen. In het najaar brengen we weer een tegenbezoek. In dat programma heb ik nu meer inspraak. Ik vind het belangrijk om bedrijven te bezoeken, dus dat moet zeker in het programma. Bij de vorige uitwisselingen liepen we tegen een taalbarrière aan. Nu weet ik dat we een tolk nodig hebben. Ik ben erg enthousiast over de training, ik raad het iedereen aan.’

Maria Tafur (R)

PERU

CONFLICTEN CONSTRUCTIEF AANPAKKEN

Het Nederlandse poldermodel geldt in Peru al enige jaren als voorbeeld voor een goede sociale dialoog. Om vakbondsbestuurders rijp te maken voor deze manier van onderhandelen, steunt Mondiaal FNV een workshop voor trainers in onderhandeling met een win-winaanpak. Bonden van de Peruaanse vakcentrale CGTP kunnen hieraan deelnemen, evenals afgevaardigden van de werkgeversvakcentrale. Zo zitten werknemers en werkgevers gezamenlijk in een klasje, waar ze op elkaar kunnen oefenen. Ze leren een manier van onderhandelen waarbij je de onderlinge relatie goed houdt.

María Tafur, vicevoorzitter van de Peruaanse voedselbond ABA, volgde de training en traint inmiddels andere collega-vakbondsleden. ‘Ik heb er de principes van de aanpak geleerd en hoe het kan worden gebruikt. Bijvoorbeeld om vertrouwen op te bouwen, om de belangen van werknemers te prioriteren en de belangen van werkgevers te begrijpen. Dat wil zeggen, het heeft me geholpen mijn strategieën als vakbondsonderhandelaar te verrijken. En vooral om met haalbare voorstellen te komen.’

Tafur moest aanvankelijk wel wat overwinnen, vertelt ze. ‘In het begin was het een ietwat koude sfeer tussen ons en de vertegenwoordigers van de werkgevers. We begrepen dat het onderdeel was van de methode, maar er was geen vertrouwen. Toen moesten we gemengde groepen vormen waarin we elkaars rollen overnamen. Dat stelde ons in staat om ideeën uit te wisselen, onszelf in hun schoenen te verplaatsen, te leren omgaan met respect, ons gedrag te analyseren door naar een video te kijken en vaak samen te lachen.’

Het succes kwam al snel: cao-onderhandelaars die de training hadden gevolgd, haalden een loonsverhoging binnen bij het transnationale bedrijf Mondelez, evenals afspraken voor de versterking van de vakbond. ‘Ik denk dat deze cursus helpt bij het versterken van langdurige relaties’, zegt Tafur. ‘Conflicten op de werkplek zullen er altijd zijn, maar deze methode geeft ons meer vaardigheden om het conflict constructiever te aan te pakken.’

NEPAL

STOP GEWELD TEGEN VROUWEN

Geweld tegen vrouwen is een gevoelige kwestie die ook van vakbonden actie verwacht. ‘Geweld heeft geen klasse, ras of kaste, religie of nationaliteit’, legt Binod Shrestha uit, voorzitter van de Nepalese vakbondsfederatie GEFONT. ‘Dit soort geweld heeft een geslacht. Geweld tegen vrouwen is een van de belangrijkste problemen van vandaag en heeft onze gerichte interventie nodig.’

Daarom volgen leden en bestuurders van GEFONT met financiële steun van Mondiaal FNV en de internationale sectorbond ITF een training om gender-gerelateerd geweld te herkennen en te bestrijden. Vorig jaar leidde dit tot een bijzonder statement. Lal Bahadur Jirel van GEFONTs lidbond UNITRAV, de bond voor sherpa’s, plantte op 23 mei na een zware klimtocht een vlag boven op de Mount Everest. De boodschap luidde ‘Beëindig het geweld tegen vrouwen’. Op de vlag prijkten de logo’s van GEFONT, UNITRAV, ITUC en FNV & ITF.

‘We moeten als vakbonden met werkgevers en belanghebbenden duidelijke gedragscodes ontwikkelen om ongewenste intimiteiten op en rond het werk te voorkomen’, stelt Shrestha. ‘Niet alleen op de werkvloer maar ook op weg naar huis en terug moet het veilig zijn voor vrouwen. Verder moeten we de vertegenwoordiging van vrouwelijke werknemers in leidinggevende posities vergroten en vrouwvriendelijkheid bevorderen.’

De Nepalese vakcentrale heeft daartoe afspraken gemaakt, waaronder het verzamelen van statistieken over de deelname van vrouwen aan vakbondsbesturen, de arbeidsmarkt, evenals hogere functies bij de overheid en de bedrijven. Ook organiseert de vakcentrale dialogen over dit onderwerp om uit te zoeken welke strategie het beste werkt om gelijkheid binnen de vakbonden te waarborgen. Minstens een derde van de deelnemers moet man zijn. ‘Deze cursussen zijn ook in de toekomst essentieel.’

ETHIOPIË

BOND FINANCIEEL GEZOND MAKEN

Vakbonden die arme werknemers vertegenwoordigen zijn niet echt levensvatbaar, zo oordeelde het Zimbabwaanse onderzoeksbureau Ledriz in 2017. De leden kunnen eigenlijk niet genoeg missen om de bond financieel overeind te houden. Vakbonden in arme landen blijven daardoor voor altijd afhankelijk van donorgelden, zo luidde de conclusie. Daarom is een van de doelstellingen van Mondiaal FNV om vakbonden elders in de wereld te leren op professionele wijze een financieel gezonde organisatie te voeren.

De Ethiopian Construction Industry Federation (ECIF) is een vakbondsfederatie in Ethiopië waar Mondiaal FNV mee samenwerkt. ‘We hebben samen met ons personeel trainingen gevolgd om de prestaties te verbeteren’, zegt Zegeye Haileselassie, voorzitter van de ECIF. ‘Training in financieel management is er een van. Hier hebben we vooral geleerd te plannen, organiseren, bewaken en de financiering van de federatie te controleren.’

Aan de orde kwamen onder meer het maken van een begroting, het toetsen en het bewaken ervan. Een andere training was het gebruik van QuickBooks, waarmee de medewerkers een rekeningoverzicht leerden te maken en transacties en andere bankzaken te verwerken. ‘Dankzij deze training konden we van het oude registratiesysteem overgaan naar een beter georganiseerd en eenvoudiger systeem voor de afhandeling van financiële transacties. Het is nu veel gemakkelijker om de financiële transacties van verschillende kantoren te beheren.’

Voorafgaand aan de trainingen vond in Kenia de cursus Financial Management Training voor FNV-partners uit deze regio plaats. In dit programma kregen de deelnemers te maken met een driestappenplan. Eén: breng de financiële administratie op orde. Twee: kijk waar bespaard kan worden. En drie: zoek naar alternatieve inkomstenbronnen. ‘Hiermee hebben we onder meer de link geleerd tussen financieel beheer en risico, het budgetproces, cashflowprognoses en een boekhoudsysteem leren ontwerpen’, vertelt Haileselassie. ‘Het heeft ons in staat gesteld om financiële activiteiten in onze federatie op een georganiseerde en systematische manier in te voeren, dus we hebben hier zeker baat bij gehad. Nu beheren we de financiën van onze federatie op een effectieve en efficiënte manier.’